alfa_wolf

HondenKennisCentrum.nl

De informatieve website over honden

Gebaseerd op recente wetenschappelijke inzichten

© Copyright HondenKennisCentrum.nl.

Overname van teksten en afbeeldingen is niet toegestaan!

Het delen van links op sociale media of websites wordt erg op prijs gesteld.

Wolvenbioloog Dr. David Mech: Wat is er toch gebeurd met de term alfawolf?

Het volgende artikel is in 2008 geschreven door de vooraanstaande wolvenbioloog dr. David Mech. Omdat er vandaag de dag nog steeds mensen beweren (en zelfs mensen die zich hondengedragsdeskundige durven te noemen) dat men de roedelleider over een hond moet zijn, door dominantiehandelingen e.d. te doen, omdat dit natuurlijk gedrag zou zijn, net zoals de voorouders van honden, heb ik dit artikel vertaald, om al die oude fabels eens de wereld uit te helpen.

 

Wat is er toch gebeurd met de term alfawolf?

Het begrip alfa toegepast op wolven heeft een lange historie. Vaak heeft men het in wolvenboeken of –artikelen over de alfa- reu, alfa-teef of het alfa paar. In de meeste hedendaagse literatuur wordt de term nog steeds gebruikt, maar oplettende lezers is het misschien wel opgevallen dat deze trend de laatste jaren begint af te nemen. Zo hebben nu 19 prominente wolfbiologen uit zowel Europa als Noord-Amerika niet meer de term alfa gebruikt in hun lange artikelen over de voortplanting van wolven. Het artikel getiteld: “The Effects of Breeder Loss on Wolves,” dat in 2008 gepubliceerd werd in een nummer van the Journal of Wildlife Management. In het 448-pagina’s tellende wolvenboek: “Wolves: Behavior, Ecology, and Conservation”, bewerkt door Luigi Boitani en mijzelf (David Mech) en geschreven door 23 auteurs is de term alfa slechts 6 keer genoemd en dan alleen om te verklaren waarom de term is achterhaald.

 

De verandering in de terminologie weerspiegeld de belangrijke verschuiving in ons denken over het sociale gedrag van de wolf. We zien nu niet meer een groep georganiseerde dieren met een alleenheerser die zich een weg heeft gevochten naar de top, of een agressief wolvenpaar, maar zijn te weten gekomen dat wolvenroedels familiegroepen zijn die net zo zijn samengesteld als menselijke families. Geslachtsrijpe reuen en teven uit verschillende roedels trekken rond totdat ze een gebied vinden die nog niet bezet is door andere wolven en die voldoende prooidieren bezit, waar ze dan zelf een gezin gaan stichten. Soms maakt een volwassen reu een teef van een naburige roedel het hof om zich vervolgens te vestigen in een gebied naast één van de oorspronkelijke roedels. Wanneer een gebied verzadigd is verhuizen de wolven vele kilometers tot aan de rand van het wolventerritorium en vinden daar een partner die eveneens is weggetrokken uit een andere roedel. Dit proces zorgt ervoor dat de groeiende wolvenpopulatie zich steeds verder verspreidt. Een goed voorbeeld is de steeds toenemende wolvenpopulatie in staat Wisconsin. Het is niet alleen gelukt om in het noorden van de staat de gebieden te vullen met meerdere wolvenroedels, maar wolven zijn er in geslaagd om een aparte groep te vormen in het centrale deel van Wisconsin. Momenteel hebben zich 18 roedels gevestigd in het midden van Wisconsin. Maar nu even terug naar de wolvenfamilie. Het originele, nieuwe wolvenpaar brengt hun jongen groot, voedt ze en zorgt voor hun, net zoals alle andere zoogdieren voor hun jongen zorgen. Wanneer pups groeien en zich ontwikkelen, zijn de ouders de natuurlijke gidsen bij hun activiteiten, pups gehoorzamen van nature. Tijdens de herfst gaan de pups onder begeleiding van hun ouders de omgeving verkennen, de pups volgen de ouders tijdens de rondgang in het territorium en leren zo het gebied kennen. De ouders hebben automatisch de leiding in deze roedel wanneer ze de pups door het gebied loodsen. Deze leiderschapsrol is niet verworven door onderlinge gevechten om een toppositie te krijgen, maar is net als bij een mensengezin, de jongen gehoorzamen van nature hun ouders.

 

Naarmate de pups zich ontwikkelen, beginnen ze onafhankelijker te worden, en enkelen dwalen soms af van de groep, of gaan op verkenning samen met de roedel. De ouders blijven de roedel begeleiden wanneer ze samen op jacht gaan, wanneer ze hun territorium afbakeren en ze beschermen de jongen tegen aaseters of tegen vijandige wolvenroedels in de buurt. Wanneer de pups zich blijven ontwikkelen en de leeftijd van 1 jaar hebben bereikt, krijgen de ouders een tweede nest met pups, dit zijn dan weer de jongere broers en zusjes van het eerste nest. De ouders gaan nu het nieuwe nest verzorgen en blijven nog steeds op de oudere pups passen, zo blijven ze de leiders van de roedel. De jaarlingen domineren natuurlijk de nieuwe pups, net zoals oudere broers en zussen dat in een menselijke familie bij de jongere broers en zussen doen, maar nog steeds is er geen strijd om leiderschap in de roedel; dit blijft op natuurlijke wijze de taak van de ouders. In sommige roedels zullen de oudere broers en zussen de roedel verlaten op een leeftijd van 1 en 2 jaar, in andere roedels blijven ze tot ze ongeveer 3 jaar oud zijn. Uiteindelijk zullen bijna allen de roedel verlaten en zich verspreiden om te proberen een partner te vinden zodat zij een eigen roedel kunnen beginnen.

 

Gezien deze natuurlijke levensloop van wolvenroedels, is er geen reden meer om op de eerdergenoemde ouderdieren het stempel “alfa” te geven, dan zou je ook menselijke ouders als alfapaar moeten omschrijven. Hoe is de wetenschap zover te krijgen dat zij ouderwolven niet meer zien als alfadieren? Het antwoord ligt in een interessante geschiedenis die mooi illustreert hoe de wetenschap zich voortschrijdt. Enkele decennia geleden, voordat er onderzoeken waren bij wolven onder natuurlijke omstandigheden, dachten wetenschappers die geïnteresseerd waren in sociaal dierlijk gedrag, dat een wolvenroedel een willekeurige verzameling van wolven was die in de winter bij elkaar kwamen om samen beter te kunnen jagen op grote prooien. De enige manier waarop zij wolven bestudeerden was door het verzamelen van individuele wolven uit verschillende dierentuinen en die in gevangenschap bij elkaar te plaatsen.

 

Wanneer men een willekeurige groep van één soort kunstmatig bij elkaar brengt, zullen deze dieren op een natuurlijke wijze met elkaar concurreren en zal er uiteindelijk een soort dominantie hiërarchie ontstaan. Dit is net zoals de klassieke pikorde dat oorspronkelijk over kippen was beschreven. In dergelijke gevallen worden de dieren die een toppositie hebben bereikt als alfa aangeduid, wat impliceert dat zij vochten en streden om deze positie te verwerven. En zo ging het ook met wolven die kunstmatig bij elkaar geplaatst waren. De belangrijke etholoog (gedragsonderzoeker) Rudolph Schenkel die wolven in gevangenschap bestudeerde, publiceerde de bekende monografie waarin hij beschrijft hoe wolven met elkaar omgingen in dergelijke groepen.

 

Daarin beweerde hij dat er een mannelijke en een vrouwelijke leider in een roedel is en noemde deze de alfa’s. Deze klassieke monografie was toen ik in de eind jaren 1960 aan het boek ‘The Wolf: Ecology and Behavior of an Endangered Species’ werkte de belangrijkste beschikbare literatuur over wolven. Dit boek was een samenvoeging van alle beschikbare informatie over wolven die op dat moment voorhanden was, zo verwees ik vaak naar het onderzoek van Schenkel. Dit boek was actueel omdat er sinds 1944 in geen andere vorm over wolven was geschreven, waardoor mijn boek ‘The Wolf’ goed verkocht werd. Dit boek werd oorspronkelijk gepubliceerd in 1970 en in 1981 in paperback opnieuw uitgebracht, het is nog steeds in druk. Er zijn nu meer dan 120.000 exemplaren verkocht. De meeste andere wolvenboeken zijn gebaseerd op informatie vanuit dit boek, dus de verkeerde informatie over alfawolven werd hierdoor heinde en verre verspreid. Uiteindelijk heb ik eind jaren 1990, nadat ik vele zomers met een wilde wolvenroedel op Ellesmere Island in de buurt van de Noordpool heb geleefd en daar getuige was van de interactie tussen ouderwolven en hun nakomelingen, besloten om deze verkeerde gedachtegang recht te zetten. Maar toen was bij het publiek en de meeste biologen het begrip alfa al volledig ingeburgerd. Het leek of niemand meer over wolven kon spreken zonder het over alfa’s te hebben. Veel mensen stelden me de vraag wat maakt een alfa wolf een alfa en wat voor soort gevechten en rivaliteit spelen zich af om deze positie te krijgen. Daarop publiceerde ik in 1999 het artikel “Alpha Status, Dominance, and Division of Labor in Wolf Packs” in de Canadian Journal of Zoology om zo officieel de verkeerde informatie in de wetenschappelijke literatuur te corrigeren. Vervolgens kwam ik in 2000 met het artikel “Leadership in Wolf, Canis lupus, Packs” in de Canadian Field Naturalist om de ouderrol in een wolvenroedel toe te lichten.

 

Echter, in het algemeen duurt het ongeveer 20 jaar voor de nieuwe wetenschap langzaam doorgedrongen is en helemaal is aanvaard, zelfs bij nieuwe medische doorbraken. Iedereen lijkt liever trouw te blijven aan het oude alfabegrip. Een aantal collega wolfbiologen hebben de update geaccepteerd, anderen corrigeren zichzelf plotseling midden in een gesprek met mij, nog anderen lijken helemaal niet op de hoogte te zijn van het hele vraagstuk. Het is hartverwarmend om te zien dat recente publicaties zoals ik hiervoor genoemd heb de inleiding zijn om de juiste terminologie te accepteren. Het is niet alleen een kwestie van semantiek of politieke correctheid. Het is dusdanig van biologisch belang voor het fokbeleid van wolven en om de sociale rol van de dieren te begrijpen dat de term juist gebruikt wordt en niet verkeerd wordt uitgelegd.

 

Een plek waar deze kwestie bijzonder verwarrend wordt is het Yellowstone National Park, waar grote aantallen bezoekers veel tijd besteden aan het observeren van wolven, tezamen met wolfbiologen en natuurliefhebbers. Omdat wolven nog niet zolang geleden in Yellowstone opnieuw zijn uitgezet, is er een groot overschot aan prooidieren (6000 tot 12.000 wapiti’s , 4000 bizons, honderden herten in vele soorten, gaffelbokken, dikhoornschapen, elanden en andere prooidieren), de roedelstructuur van deze populatie is complexer dan de meeste andere wolvenpopulaties. Jonge wolven verlaten hier de ouders op latere leeftijd, pas wanneer zij 2 tot 3 jaar oud zijn in plaats van 1 tot 2 jaar, hierdoor zijn deze roedels groter met meer volwassen dieren dan roedels elders. In deze roedels zijn zowel de moederwolf en enkele van haar dochters volwassen, en krijgen zowel de moederwolf en haar dochters jongen in hetzelfde jaar, waarbij de dochters bevrucht zijn door reutjes van andere roedels. Wanneer er meer moederteven in de roedel zijn, ontstaat er een rivaliteit tussen hen, dan kan er waarschijnlijk een vergelijking getrokken worden naar het oorspronkelijke roedellijder, de alfateef, en haar dochters als bèta's. In Yellowstone gebruiken de waarnemers vaak deze bewoordingen, maar deze worden soepel toegepast op alle zogende moeders, zelfs in roedels met maar een enkele moeder. Hoewel het niet onjuist is om in een roedel met meerdere moederteven de term alfa te gebruiken, is het mogelijk en zelfs wenselijk niet zoveel lading aan deze terminologie te geven. Als voorbeeld zou de teef die het hoogste in rang is roedelleidsters of matriarch (=in dit geval de gezinsoudste) kunnen worden genoemd. Of alleen wanneer de vrouwtjes daadwerkelijk rangorde tonen, kunnen de 2e en 3e rangs dieren ook zo worden genoemd. Deze manier van aanpak zou de visie van de wolf terminologie verbeteren voor zowel de wetenschap als voor het wolven publiek.

 

Hopelijk zal het minder dan 20 jaar duren voordat de media en het publiek de juiste terminologie volledig hebben overgenomen en dat zo voor altijd een einde komt aan het achterhaalde beeld van de wolvenroedel die als een agressieve groep wolven voortdurend strijden om de leiding in de roedel over te nemen.

Tekst: Wolvenbioloog dr. David Mech

Vertaling: Honden Kennis Centrum

 

Over David Mech: L. David Mech is een vooraanstaand wetenschappelijke onderzoeker bij de US Geological Survey en is oprichter en vicevoorzitter van het International Wolf Center. Hij heeft meer dan 50 jaar wolven bestudeerd en heeft verschillende boeken uitgebracht en diverse artikelen geschreven.

 

Artikelen met aanvullende informatie:

Volg honden kennis centrum op Twitter
Hondenboeken aanbevolen door het Honden Kennis Centrum